
Ben je een verwend nest als je ‘s morgens zuchtend de sleutel weer in het contact van je BMW E32 steekt? Ik weet het niet. Ik was al nooit het type dat tien jaar in een auto reed, maar de laatste tijd begint het na drie maanden al te kriebelen. Niets is goed; of er nu een 750iL op de stoep staat of een Mercedes E 420, een Porsche 911 of een Golf VR6: na drie maanden ben ik ‘m zat en moet er weer wat anders komen.
Waar ligt dat nou aan? Ben ik gewoon een rupsje Nooitgenoeg? Komt het door het verschrikkelijk grote aanbod youngtimers in Nederland? Of is het omdat je betrekkelijk weinig afschrijft en iedere wisseling van de wacht niet wordt afgestraft met een financiele aderlating waar een bijstandsmoeder met vier schoolgaande kinderen tien maanden van rond zou kunnen komen? Ik weet het niet.
Upgraden: was ik een rupsje Nooitgenoeg dan ging ik voor méér. Van een zes- naar een achtpitter, van een 530 naar een M5, of van een E 420 naar een 500 E. Dat is niet het geval. Ik wissel af en soms staat er een gezellige diesel op de stoep, dan weer een 911, terug naar een 300 CE en zo gaat dat maar door. Die reden kunnen we dus gevoeglijk elimineren.
Het verschrikkelijk grote aanbod is ook de reden niet; ik shop doorgaans bij twee, maximaal drie specialisten die de koffie alvast opwarmen als mijn nummer in hun GSM verschijnt. Ik beperk me doorgaans ook tot Duitse auto’s, dus de Italianen en Fransen van deze aarde bekijk ik niet eens. Nee, zo breed is mijn horizon niet, qua youngtimers.

Foto Martijn van Well
De afschrijving dan? Het gaat met minimale bedragen, maar bij vier tot vijf wissels per jaar zit ik toch wel op de afschrijving van een nieuwe C-Klasse. Dat doe ik mezelf aan, ik geef het toe. Maar het weerhoud me er niet van om steeds maar weer de gang te maken naar de specialisten, waarvan er inmiddels enkelen tot mijn vriendekring zijn gaan behoren. Da’s dus eerder een reden om niet te wisselen.
Wat heb ik al gedaan om genezing te bevorderen? Nou, regelmatig toegeven aan mijn gevoelens. Dat resulteerde in een soms wrang gevoel, als ik de auto in kwestie had ingeruild ‘maar er nog niet klaar mee was’. Kent u dat, het begrip ‘nog niet klaar zijn met een auto’? Dat is gewoon ordinaire spijt. Daar heb ik het volgende op gevonden: niet inruilen, maar er bij houden. Dan kan een regelmatige afwisseling tweeledig werken: de oude voelt weer als vertrouwd en de sleur sluipt wat minder snel in de nieuwe. Win-win, hoor ik u zeggen, maar op het moment dat er vijf exemplaren voor de deur stonden realiseerde ik mij dat mijn remedie zijn doel compleet voorbij was geschoten.
Laten we het dus maar ‘youngtimermoeheid’ noemen. Een soort burn-out op youngtimergebied. Been there, done that. Maar dan in uiterst brede zin. Als er iemand onder u is die genezing kan bewerkstelligen, of die zichzelf in dit verhaal herkent: youngtimerblog.nl geeft u hieronder de kans om, desnoods anoniem, uw hart uit te storten. Geneer u niet; dat heb ik immers ook niet gedaan.
Gallery: Scenes from a junkyard
Foto Junkyard Dolls: http://www.flickr.com/photos/bukutgirl/ / CC BY-NC 2.0

Bezit van de zaak is het einde van het vermaak. Nog een dooddoener: Easy come, easy go.
Probeer eens een project. Een auto die de nodige TLC nodig heeft. Een auto waar je energie in moet steken, om hem (haar?) weer in mooie staat te krijgen. De moeite die dat kost betaalt zich later uit door de affectie die je voelt.
Beter nog, ga er mee racen.
Enne.. laten we eerlijk zijn, het is natuurlijk een luxeprobleem van jewelste.
Blijf lekker wisselen, koop eens een Alpine A610, rij eens in een Corvette C5 of een Jaguar XK. Wedden dat je na die avonturen blij bent dat je daarna gewoon weer in je Duitse Benz of Beamer je km’s verslindt.
Begin weer eens bij de basis: ga lekker op een zundapp naar je werk…….is ook een old(young)timer en na een week of wat waardeer je de echte(!)youngtimer weer als vanouds…
Ik zal ooit eens proberen mijn overstap/verhaal van Modern naar youngtimer neer te zetten en in woorden te vatten